Bedrijven wijzen naar elkaar in gesprek over boodschappenprijzen

Voedingsproducent Nestlé is klaar met het geweeklaag van supermarkten over lage marges. Directeur Rob Trompetter van de Nederlandse tak van het Zwitserse levensmiddelenbedrijf vindt dat een beetje stemmingmakerij, zei hij donderdag in een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer. Jumbo-topman Tom Heidman had leveranciers van A-merken vlak daarvoor beticht van powerplay bij prijsonderhandelingen.

De bedrijven waren naar de Kamer geroepen om uitleg te geven over de hoge inflatie en de soms flinke verschillen in de prijs van dezelfde producten in België en Duitsland. Dat boodschappen in Nederland gemiddeld genomen duurder zijn dan in de buurlanden, spraken zij eensgezind tegen. Maar op de vraag wie nu eigenlijk de prijzen in de winkel bepaalt, wezen zij naar elkaar.

Dat de boodschappen in snel tempo veel duurder zijn geworden, sprak geen van de genodigden tegen. "Ik zit nu veertig jaar in dit vak", aldus Heidman. "De inflatie van de laatste drie jaar kent zijn weerga niet, en heb ik nog nooit meegemaakt." Maar hij benadrukte ook dat Jumbo van de 40 procent stijging van de inkoopprijzen maar 28 procent heeft doorberekend naar de klanten. 

Trompetter en ook Unilever-bestuurder Joost Houben bestreden dat hun bedrijven de winkelprijzen bepalen of geprofiteerd hebben van de inflatie. "Ook wij hebben een groot deel van de kostenstijgingen zelf moeten absorberen." Het beeld van Pieter Omtzigt dat er megawinsten worden gemaakt op alledaagse producten klopt volgens het tweetal niet.

Toen de verzuchting van de supermarkten over hun veel lagere winstmarges weerklank vond bij Kamerleden, lokte dat een lesje bedrijfseconomie uit bij Trompetter. Hij legde uit dat producenten veel meer investeren en veel meer risico lopen dan retailers en dat daar nu eenmaal hogere marges voor nodig zijn. Het rendement op het geïnvesteerde vermogen verschilt niet zoveel tussen de twee bedrijfstakken, aldus de topman van Nestlé.

 

Bron: ANP

Laatste nieuws